Biografie van Pauline Alting von Geusau

Nog geen profiel opgegeven.
2010
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    8873

    Bitterzoet

    1e ronde

    Kijk daar de fourageur

    van het smakken en het likken,

    smaken bitterzoet van kleur,

    vergeten speeksel in te slikken.

     

    De tong kent de primeur,

    die langs papillen prikken:

    draden lopen, ik besmeur

    mijn hoofd en dan het knikken.

     

    Waar tanden zich ontvouwen,

    sluiten open lippen knel,

    volgt nadrukkelijk het kauwen

    en de smaak van rottend vel.

  • 2
    8874

    In stilte

    1e ronde

    Bal in buik

    noodt lente naar binnen,

    stuitert en monstert zich aan.

    Ik vang en ik koester de waan.

     

    Kaatsend omhoog, opzij,

    raakt het alle kanten van mij.

     

    Is het waar?

    Is het hier?

    is het nu?

     

    Beschk ik over werk'lijk beleven

    of is het in stilte gebleven?

     

    Is dit het verraad,

    heeft mijn hart in spagaat,

    adem aan wanhoop gegeven.

     

  • 3
    8875

    Mijn lief is mijn leugen

    1e ronde

    Mijn leven bestaat

    uit een man in mijn bed

    die mij in verzet

    mijn lakens belet

    te bewegen.

     

    Geen warmte, geen zegen,

    slechts in stilte gelegen,

    ligt hij zonder mij,

    mijn lijf te beleven.

     

    Waar billen of buik,

    tussen borsten mijn zweten,

    voeten ontdekken,

    maar tenen vergeten.

     

    Samen, die keer,

    kan ik mij niet heugen,

    nu deugt er niets meer,

    mijn lief is mijn leugen.

  • 4
    8876

    Overstijging

    1e ronde

    Het schuift mij richting deur,

    neus opent het gerucht;

    een te lang gerekte geur

    verplaatst zich in mijn zucht.

     

    Verstijven, de teneur,

    het houdt mij in mijn vlucht.

    Geen beweging, de terreur

    van mijn zelfbedachte klucht.

     

    Hoofd op bank in schrikberaad,

    verdiept zich in mijn dreiging.

    Terwijl mijn hart op springen staat

     

    raak ik aan wat voorbijging,

    wat zicht steeds beschermen laat

    vraagt mij om overstijging.

  • 5
    8877

    Springtouw vrij

    1e ronde

    Mijn deduld is op,

    wat moet ik doen

    om dit te stoppen?

     

    Ik blaas bellen in de zee,

    schuim kop op kop,

    maar mijn geduld is op.

     

    Ik graaf heuvels in het zand,

    schuif kuilen naar de top

    maar mijn geduld is op.

     

    Ik spring mijn springtouw vrij,

    zak in bodemloos sop,

    maar mijn geduld is op.

     

    Zucht naar zin,

    houdt adem in.

     

    Stop.

     

    Mijn geduld is op.

    Wat moet ik doen

    om dit te stoppen?

  • 6
    8878

    Weg langszij

    1e ronde

    Mijn voeten lijken stenen,

    zij weten van geen benen.

    Zij kennen het beklijven

    van het rusteloos verblijven.

     

    Het wankelend verdrijf,

    van het dralen van mijn lijf,

    lispelt louter vleierij,

    wiegt en sust mijn razernij.

     

    Het hoort mijn luide zwijgen,

    het weet de weg langszij,

    verleidt mij langs het dreigen

    en keert zich tegen mij.

2009
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    12194

    Voor haar

    1e ronde




    Waar ik niet voldoe,
    daar voldoe ik nog steeds voor haar.

    Zij die mijn hart bewaakt,
    heeft mij opnieuw vlekkeloos gemaakt.

    Als ik dat liefhebben passeer, langszij,
    keert het zich afgeschrikt tegen mij.

    Verbleekt en uitgespeeld
    zie ik mijn eigen spiegelbeeld.















  • 2
    12195

    Verlaten huizen

    1e ronde
    Daar waar hij is uitgestoten,
    verlaat hij zich op gaten zaaien.
    Voeten strak aaneengesloten,
    verraden zich in slalomdraaien.

    Daar waar hij vergeten is,
    waar hij eens welkom was,
    verkent hij zijn gemis,
    het knellen van zijn jas.

    Toen hij was weggegaan,
    heeft het hem omver gebogen.

    Waar hij abrupt was opgestaan,
    liet hij zich achter wegen gaan,

    vertrok weloverwogen
    naar waar verlaten huizen staan.
  • 3
    12196

    Mijn taal klinkt

    1e ronde

    Mijn woorden kaatsen
    in echo terug.
    Keren werkelijk bewogen
    rondom mijn vaders rug.

    Mijn spreken, daar, waar,
    zijdelings gericht,
    ontmoet frontaal zijn schaduw
    weerspiegelt in mijn gezicht.

    Bij zinnen, daar, komt
    helder beeld voorbij.
    Los van vorm zit hij
    onvermijdelijk in mij.

    Mijn taal klonk niet daar,
    waar ik zijn stem vermeed.
    Mijn taal klinkt daar,
    waar ik mij verstaanbaar weet.
2011
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    7615

    Waanzin

    1e ronde
    Waanzin   Het wacht, het smeult, het stekelt zich op en hekelt zachte woorden. Het draait, het slipt en lispelt klanken rond mijn lip.   ‘Spring sprong, pak me dan!’, ontglipt het zich.   Maar als ik zwicht, drukt het cellen dicht, mijn vege lijf, zonder gezicht slaat bodem weg, raakt liefde kwijt, verplaatst zich naar hanteerbaarheid.
  • 2
    7617

    Genen

    1e ronde
    Genen   Leunend tegen baarmoeders wand, het aanzien van de navelstreng. Blauwe lijnen in wit vet vel verlangen naar het snappen van de schaar.   Bloeden, afbinden, verdrogen, zogen en afscheiden daarna.   Tijdens het uitwijken, het vliegen uit het nest, mijn hoop op eigenheid en zelf verzonnen liefde.   Maar daar waar draaibeweging mij door cellen voert, ontmoet ik, anders dan mijn vermoeden, mijn vader, mijn moeder, en die van daarvoor.   Ik, die van daarna, weliswaar op eigen benen, verbaas mij over genen maar kan niet anders dan mij verbinden en verder gaan.
  • 3
    7626

    Poppenspel

    1e ronde
    Poppenspel   Mijn pop ligt in de hoek, vermoedens van genegenheid scheuren krullen van haar kop, staren diepe ogen in, verheffen stopnaald tot pupil.   Ik draai armen op haar rug, heen en weer en weer terug tot het plastic moe is van bewegen.   Met rode verf maak ik slome lippen, duw vuist tot huig, of waar ik die vermoed.   Trek haar de kleren uit. Prop benen onder romp. Duw haar, ‘wankelt ze?’, tegen muur rechtop.   ‘Kijk!’, hoe ze valt, voorover, in haar klaargemaakte, kapot getrokken, wit kanten jurkje.   Haar mond bloedt en ik vind het goed.
  • 4
    7633

    Vlekkeloos

    1e ronde
    Vlekkeloos   De ander nog net zichtbaar, vertelt wat niet waar is.   Ik knik:   -Vlekkeloos, volkomen vlekkeloos ben ik.-   Het snuiven, zijdelings, verstilt een ogenblik. strekt, vertrekt.   En ik, gewend aan afwezigheid, ik knik en lik koud zweet van mijn armen.   -Vlekkeloos, volkomen vlekkeloos ben ik.-   Blauwe tenen in open sandalen, onder mijn oksels ruikt het naar ongewassen kleren.   En ik, piep en smak, ik knik en schik:   -Vlekkeloos, volkomen vlekkeloos ben ik.-
  • 5
    7634

    heedaglief

    Top 1000
    heedaglief   inminuutmoment insecondmoment inmomentummetjes   vanjehouenvanjehouenvanjehouen enmissenenmissenenmissen   heedaglief dajewee dajeweehee dadagindaguitnie wauurinuuruitnie   ikjekuswildoe ikjeaaiwildoe ikdaagsjedagwilzijn          
2012
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    10131

    Vrijdagmiddag 1

    1e ronde
    Vrijdagmiddag 1 dat ik naar jou toe fietste en groene druiven zonder pitten voor je kocht en ook wel rozen die net open waren, heel dicht bij elkaar gebonden en dat jij altijd iets zei van - Hééé -, als je mij zag en dat je daar dan ook heel blij bij keek en dat je dan taartjes voor mij had gekocht in het kleine winkeltje en dat ze in het kartonnen bakje op het aanrecht stonden te wachten en dat ik dan altijd zei dat ik er maar de helft van wilde en dat vond je dan goed en dat ik dan toch alles op at en dat ik je dan mijn nieuwe jurk liet zien en dat ik aan je gezicht zag dat je het niets vond en dat ik dat eigenlijk van tevoren wel had kunnen weten en of ik dan een wijntje wilde en ik, - Ik hoef niet Mam -, zei en dat we dan samen de hele fles leegdronken en dat ik dan met mijn voeten op de bank een sigaret ging roken en vertelde over allerlei verdrietige dingen en dat ik dan heel hard moest huilen en dat jij dan mijn hand pakte en - Ach kindje toch -, zei  
  • 2
    10135

    Vrijdagmiddag 2

    1e ronde
    Vrijdagmiddag 2   mijn fiets in het rek kisten onder druipend afdak met grote groene druiven   kilo zakt in tas duwt frame uit evenwicht van stoep schuif ik op weg op zadel   trap rechtdoor langs smal pad weer tegen het verkeer   slingerend langs waar eens de slager de bakker   naar rechtdoor   waar nu huisjes met mannen en vrouwen in stoelen met wielen voor het raam   om de hoek in het wit jongens en meisjes die roken   schuif ik het slot tussen spaken klepperdeklep de fietstas open trek de trossen met mij mee door zoevende schuifdeuren de noodtrap omhoog op doorzichtige treden   dan   de bel van mijn moeder   ik had nog geen sleutel toen van haar te kleine kamer
  • 3
    10143

    Als we niet meer kunnen praten

    Top 100

    Ik buig mij

    over rode konen

    onder krullend wit


    Wilt u dood vandaag?


    Een druppel spuug

    langs kin

    lijkt zin

    in spreken


    Maar, langs het haar uit ogen vegen

    hopend op een ja of nee bewegen

    kom ik leeg en stilte tegen


    De plastic slang

    van neus naar maag

    verloren op haar kraag


    Het roze flanel

    doordrenkt van zuur

    en zwetend vel


    Wilt u dood vandaag?


    Heeft u het opgegeven

    zelf de weg van vloeibaar Multi Fiber uitgedreven?


    Is dit het Nu

    Het Uur U

    met alle kinderen aan uw bed

    en vrienden waarop u nooit meer had gerekend?


    Is dit het Nu waarvoor U heeft getekend?


2013
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    10144

    Te laat

    1e ronde

    Te Laat

    Te laat zoals altijd

    zie ik wat mijn lichaam al herkent.

    Kennelijk loop ik links,

    half berm, half weg,

    ( zoals dit hoort, denk ik nog )

    Kennelijk gonst schonkig iets door beeld,

    heeft een blik mij valselijk bekeken.

    Schielijk scan ik contour

    waarin reptielenogen,

    wachters achter oranje glas.

    Handen vullen mijn waarneming.

    Mijn blik draait zich op, 

    stokt op jou aanzien,

    jouw bril, jouw kille loer.

    Jouw ongeduldig zucht,

    jouw ruik,

    stapt terug

    en om mij heen.

    Vreemd, waarom jij nu eerst?

    De rest van mijn tour vraag ik mij af,

    wie daar moest wegwaai op verlate pad

    niet wie het gedaan heeft en ook niet hoe.

  • 2
    10154

    Zonder titel

    1e ronde

    Net niet beklonken

    druipen kniekousen

    op de grond

    dansen kaarsrechten

    in te dikke schoenen

    springen rode zolen

    boven touw

    vallen borstjes

    in klaptonen

    op verse huid

    met daar ergens

    daar onder

    een poesie

    met nog te kleine haren.

    Verschijnt dat hoofd

    voor vensterdeur

    de kruk

    omlaag gedruk

    dat uitgeblaas

    die geur.

    Zijn grom

    zijn kom 

    maar op de mijne

    zijn blij om zijns

    in mijn zachte poppedijne.

2014
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    10763

    Andere werkelijkheid

    1e ronde

    als de paginarand

    zichzelf naar het midden gooit

    volgordelijkheid verslaat

    omdat juist die kant

    andersom de pagina bedrijft

    in wat woorden zouden mogen doen

     

    je met geloken ogen een andere werkelijkheid ontdekt

    je geluid achterstevoren tot je neemt

    en je van daaruit ziet dat een andere hand

    zich met jouw vingers verschrijft

  • 2
    10782

    Boten te huur

    1e ronde

    dwalend in duinen   langs donkere paden  

    kou die flarden opwekt voor de volgende dag

     

    op tast naar top zakken mijn voeten

    stroomt het zand en leef ik mijn schoenen

     

    vaal licht met dansende druppels waaronder schelpenpad zichtbaar

    galoppeer ik naar het dorp met het terras met te weinig mensen

    en de bakker op de hoek

     

    op het strand   boten te huur

    zeven sloepen met touwen rond de boeg

    op de rand van de buitenste zit en wankel ik de boot richting golven

    als de flank zich vlak voor het rollende water laat zakken

    weet ik mijn benen nog net op tijd terug te trekken

    vlucht ik de zandduinen in 

    wacht met mijn knieën in mijn armen op de opgaande zon

    waarvoor de neergekomen sloep   bij het houten strandkantoor

     

    dan komen er mensen    ze schreeuwen

    ze zeggen dat er foto’s zijn gemaakt

     

    zeven foto’s   van de onbekende vrouw   bij de sloep

     

    ik sta op  sla het zand naar beneden

    en loop naar de man die de grootste woorden heeft

     

    in de kring om mij heen spreken ze schande

     

  • 3
    10784

    Deur

    1e ronde

    waar ik niet meer kom

    doof ik het licht

    draai ik de sleutel in het slot

    ga de trap op naar boven  

     

    en laat die deur

     

    volgt

    bij elke tree

    het trekken aan mijn rug

    ik hardop tegen lichtknop

     

    TERUG

    TERUG

     

    mijn adem op tast

    zich stilhoudt

    zich ontvouwt

    voor waar het nu past

     

    rechter hand mijn hoofd

    op schouders draait

    links langs rand

    het houtwerk aait

     

    die deur duwt

    en brug bouwt

    naar open raam

    waar dan pas

    iemand anders is

    die er net niet was

  • 4
    10786

    Nieuwe kamer

    1e ronde

    We lopen

    naar je nieuwe kamer

    met een zoon

    die plastic tassen draagt,

    naar de auto gaat om meer te halen.

     

    ‘Hier is het ’, zeg ik

    en je boort je stok

    ver vooruit de open deur.

     

    De stoel, het bed,

    jou op de rand gezet,

    vallen doorzichtige druppels  in je schoot,

    zak ik naast je in het luchtmatras,

    schik je, haper je,

    haast je bovenlijf zich naar voren

    grijp ik je stok,

    sta je op,

    zeg je, iets van hup

    zie ik dan pas de natte plek in je rok.

     

    Loop ik achter je aan

    steun ik je van staan

    naar zit en stroop

    hurkend voor de pot  

    je onderbroek kapot.

  • 5
    10788

    Wie zal mij nog lezen

    1e ronde

    Willekeurige start op pagina zes

    terwijl pagina drie aan de beurt is,

    mijn pen dichtbij,

    niet meer schrijft,

    ik de boel  links laat liggen.

     

    Pijn

    in beet van weleer,

    een uur geleden.

     

    Wie zal mij nog lezen,

    als ik langs het steunen

    van mijn ademhalen

    ergens data heb ingevuld,

    dit boek heb vol gekrast

    met last en taalfouten.

     

    Wie zal mij nog lezen,

    als ik,

    mijn hand vrij

    van nieuwe bladzij,

    met drie brillen op mijn hoofd

    het koude water instap.

     

    Wie zal mij nog lezen,

    met jouw hap uit mijn schouder.

     

     

2015
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    10630

    Koffie!

    1e ronde

    Over haar heen gebogen

    veeg ik een lok,

    schuif ik slab

    tussen kin en borst,

    trek ik kopje dichterbij.

    Naast haar roept een man,

    hij heft zijn armen,

    zijn hoofd schudt spetters.

    Haar blik naar hem van onderuit,

    koffie die langs haar lippen druipt.

    Dep ik,

    geef ik een nieuwe slok,

    draait ze weg

    naar opzij,

    naar de man,

    die op de maat,

    met open handen 

    op de tafel slaat.

    Hoeken scheurden eerder.

    Onder het kreunen, nu,

    breken korsten,

    druipen witte draden

    langs zijn open mond.

    Hoe zij dan, naast mij

    naar voren buigt

    en het kopje 

    tussen zijn handen schuift.

  • 2
    10948

    Rozen in blauw gras

    1e ronde

    Vandaag weer, kijk je naar mij,

    je blauwe ogen, je blonde krullen glanzen.

    Wat ben jij een mooi Lief,

    met die zwarte randen 

    in het witte boord van je overhemd.

    'Liever met diegene, die in beweging komt.' zeg je 

    en ik, verder naar achter in mijn stoel,

    wens mij een rugleuning met meer ruimte.

    'Liever met diegene, die vertrekt met de vleugels wijd open.' zeg je

    en ik sta op en grijp mijn tas.

    'Alsof ik het was, alsof ik het was.'

    'Nee.' zeg je.

    'Ik vertrok, met mijn vleugels wijd open.'

    Ben ik binnen gevaren

    met jou in mijn kielzog

    en weet ik nog steeds niet 

    wat ik moet doen.

    Zo is het ongeveer.

    Nu ren ik hier,

    mijn tenen in het nauw gedreven door te kleine schoenen op te hoge hakken.

    Mijn benen vermicelli-wit onder mijn korte rok met plooien.

    Mijn blauwe koffer met rozen sleep ik achter mij aan alsof er geen wielen onder zitten.

    Mijn armen in de lucht met jouw witte zakdoek, maar de bus rijdt voorbij.

    Een paard holderdeboldert naast mij,

    een tegengestelde hand strekt zich uit en grijpt de mijne vast naar omhoog.

    Een hak bungelt aan mijn tenen.

    'Alsof ik het was, alsof ik het was.'

    en naast mij vallen rozen in blauw gras.

2016
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    9480

    Doe het kort

    1e ronde


    Schik
    regendruppels
    tot vlokken

    Laat ze
    zweven
    in een lied

    Vergeet
    het dwarrelen niet

    Blaas het in luchtballon
    Neem het mee tot de zon
    maar doe het kort
    voordat het hagel wordt
     


  • 2
    9658

    Euthanasie

    1e ronde

    Je had het mij gevraagd

    Je zou toch al bijna gaan

    Toen heb ik het gedaan
     
    Je
    was
    niet
    één
    van
    mij

    Maar

    dat

    achterblijven

    daarna
     
    Gewoon de file in
    naar mijn Lief
    en mijn gezin
     
    Het antwoord  
    in mijn keel
    het terughalen
    het  kauwen
    -Hoe was je dag -
    -Een beetje veel -
    maar hoe was de jouwe