Biografie van martine van der reijden

In Amsterdam geboren.
2016
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    935

    onder moeders vleugels

    Top 1000
    dat wij naar zeep van melkmeisjes roken
    met wie belde je uren, als papa er niet was 
    als wij vroegen wie het was zei je, oh tante lies
    met wie je op verjaardagen nooit een woord sprak

    snuffelen in je spullen verborgen in je kast
    zwaar geurende maja zeep, een ring
    rare nylon slips lichtgroen en roze
    aan de waslijn grote onderbroeken

    na school opgewonden voor de lingeriewinkel staan
    nog geen internet om te gluren
    broekjes met open kruisen
    strikjes donsjes 

    is dat voor hoeren vroeg ik je nog
    nee dat dragen ook gewone vrouwen zei je stellig
    zag ik je moeder instappen in een wagen?
    zonder knipperen zei ik ja, dat was bij mijn oom

    kapotjes kapotjes, schreeuwend in de deuropening  
    de drogist woedend zwaaiend achter ons aan
    rennen genieten vage angst
    zal bij het kruidvat tegenwoordig niet vaak gebeuren

    en in de vreemde wagen voeten van de bank
    liet moeder zien hoe wij ons moesten gedragen
    met een blik monddood gemaakt
    wij waren slechts figuranten
2017
  • Nr.
    Titel
    Tekst
  • 1
    241

    Knipoog

    Top 1000
    je krijtte witte wolken daar waar de vloer de zolder nooit raakte
    zag je daarom in een nest van vlees en kalk het kleine glimmende ei bij
    de wortels van het roze rode kind
    waar de roestige schaar ternauwernood haar tenen misten de
    luizen zilvervisjes speelden
    daar in het huis, omdat je moeder haar tanden en botten op de stenen brak
    en je vergat mee te nemen

    daar raapte jij het broze ei op en sloot snel je hand 
    trots haar zo dichtbij te voelen hoog boven 
    rees het schreeuwende roze vochtige gat een oude wond
    zij slokte het kleinood op en jij zag het
    was een glanzend oog honderden
    jaren hoorde ik het kind huilen en ving jij haar blik en lachte ik
    om een cycloop die kunsttranen weende

    daar in het huis als het donkerde
    het zwart uit de hoek kroop tussen de 
    zusters wrede hoge borsten 
    waar je niet op mocht rusten niet mocht schuilen
    lauwwarme urine ging stromen tussen je benen uit
    alle roze gaten ander vocht lekte dat stonk dan
    zocht je het ei om de gaten te dichten

    je doffe grijsblauwe ogen krijten
    wolken op je arm je rijgt de oude glazen kralen
    honderden jaren geleden toen je hand nog
    kleine vingers had die 
    het oog van het roze rode meisje een knipoog gaven
    plakkerig vies en toch licht glanzend
    daar weent een glazen oog kunsttranen
  • 2
    246

    ik wilde

    Top 100
    en de gordijnen denderen over de rails trekken schaduwen binnenstebuiten
    kleiner kleiner slist je tong en verdwijnt in
    de blauwe inkt likt kokhalzend ijzer 
    spinnenpoten zuigen de kroontjespen met moeite tussen de webdraden
    nagels krassen nerven op rode kool blauwe bladeren houterig verschijnt mijn 
    naam in een maagdelijk wit kader

    waarom ik het schrift tussen mijn dijen klem?
    ik verwacht het gevoel van mijn petticoat
    hoe tule als fijn schuurpapier raspt daar waar zacht wit vlees
    bleekroze lippen doen fluisteren zoals
    de jurk van de spaanse danseres kijk hoe trots zij danst roept mijn moeder en ik zie
    voel dat ik mijzelf knijp tot op het bot onverwachts
    verlies ik rode korsten weeïge geuren

    de wind laat zich niet makkelijk vangen in mijn schepnet en zij roept
    buk niet zo je lijkt wel een hoer 
    de zon grijpt naar mijn schaduwbenen beroert warm 
    mijn onderbroek
    is het een snik of een geeuw die mij ontsnapt de 
    hoer tikt verleidelijk tegen de ramen ik 
    ben onmiddellijk verkocht

    als na jaren de aandacht dreint
    ik aan mijn wonden blijf likken vingers naar ijzer ruiken
    kom ik tot bezinnen zoek ik
    angstvallig mijn naam op het web 
    ik wilde dat jij keek toen ik danste als kind trots
  • 3
    411

    telgang

    Top 1000
    woest schuimend de cafeïnedouche 
    explosieve rendez-vous tussen 
    een fles cola en een mentos eerder
    een ménage à trois
    de mierzoete geiser spuit tollend je springt en lacht hysterisch

    plastic bij plastic je vaders mantra dreint 
    in mijn brein terwijl
    ik de plakkerige limonadefles krakend tussen de papieren 
    snoepwikkels prop en denk 
    aan je tandglazuur

    water of thee water of thee maalt het door 
    mijn hoofd de zoete spetters observerend 
    een vlieg in een
    goudbruine druppel heeft nog
    miljoenen jaren te gaan en wij? mijn vraag

    hoe ver zijn wij van de rand hoor je niet
    wij de looppoppetjes 
    sjokken in telgang als een 
    samengesteld dier naar de afgrond
    touwtje met kraal achterna

    waarom aaien wij alleen nog met woorden de poes?
    wanneer schoor ik mijn oksels niet meer
    en trok jouw haargrens zich terug
    aan je voeten de colawikkel plakkerig condoom
    voer voor de blauwe of de grijze bak?